Recente neurowetenschappelijke en psychologische ontwikkelingen in begrijpelijke taal
woensdag 22 juli 2015
vrijdag 6 maart 2015
Sciencepalooza: Onthouden met terugwerkende kracht
Mijn nieuwste blog voor Sciencepalooza is nu online, over ons retroactieve geheugen!
maandag 16 februari 2015
Over slaap en geheugen
Deze blog is eerder verschenen op Stanford's NeuWrite, dit is een directe vertaling.
Slaap en geheugen, deze termen zijn op een ingewikkelde manier met elkaar verbonden geraakt over de afgelopen decennia. Over het algemeen wordt gedacht dat een goede nacht slapen het herinneren van oude en het leren van nieuwe informatie versterkt, herinneringen zal beschermen tegen verval, en inzicht verbetert. Maar hoeveel van deze stellingen zijn eigenlijk waar? Helpt de juiste hoeveelheid slaap echt zo miraculeus als je informatie wilt leren en onthouden? En zo ja, hoe kunnen we deze inzichten gebruiken op school?
Deze vragen lijken simpel op het eerste gezicht, maar heel veel onderzoekers zijn nog dagelijks bezig met het vinden van de antwoorden. Hieronder zal ik een paar redenen noemen waarom de relatie tussen slaap en geheugen niet zo simpel is als je zou denken.
Maar als ze niet eenzijdig zijn, hoe zijn slaap en geheugen dan gerelateerd? Zoals ik hierboven al zei vinden onderzoekers wel relaties tussen verschillende slaapfases en verschillende vormen van geheugen. Om het simpel te zeggen: REM-slaap lijkt niet-declaratief geheugen te beïnvloeden terwijl slow-wave sleep declaratief geheugen beïnvloed. Ook al zijn de onderliggende mechanismen nog onduidelijk, dit lijkt het algemene plaatje in verschillende experimenten. Betekent dit nu dat je gewoon genoeg slow-wave slaap moet krijgen voor een examen als je het wilt halen? Jammer genoeg is dit nog niet het hele verhaal; er zijn meerdere factoren.
Ik hoop dat ik duidelijk heb gemaakt dat de vraag "heeft slaap een positief effect op geheugen" lastig te beantwoorden is door de sterke afhankelijkheid van de soort slaap en het soort geheugen dat je wilt verbeteren. Daarnaast vergelijken de meeste slaap en geheugen experimenten een volledige nacht slaap met slechte slaap of geen slaap, wat het moeilijk maakt om conclusies te trekken over of slaap echt het geheugen verbetert of dat het juist nadelig is als je niet slaapt.
Slaap en geheugen, deze termen zijn op een ingewikkelde manier met elkaar verbonden geraakt over de afgelopen decennia. Over het algemeen wordt gedacht dat een goede nacht slapen het herinneren van oude en het leren van nieuwe informatie versterkt, herinneringen zal beschermen tegen verval, en inzicht verbetert. Maar hoeveel van deze stellingen zijn eigenlijk waar? Helpt de juiste hoeveelheid slaap echt zo miraculeus als je informatie wilt leren en onthouden? En zo ja, hoe kunnen we deze inzichten gebruiken op school?
Deze vragen lijken simpel op het eerste gezicht, maar heel veel onderzoekers zijn nog dagelijks bezig met het vinden van de antwoorden. Hieronder zal ik een paar redenen noemen waarom de relatie tussen slaap en geheugen niet zo simpel is als je zou denken.
Slaap is niet eenzijdig
Jammer genoeg zijn slaap en geheugen complexer dan ze op het eerste gezicht lijken. Deze samengestelde aard maakt het moeilijker om zomaar te zeggen dat sleep effect heeft op geheugen. Het lijkt er meer op dat verschillende soorten slaap effect hebben op verschillende soorten herinneringen.
| De verschillende slaapfases in een grafiek (plaatje van hier) |
Je hebt het misschien niet door, maar je slaapt in fases. Ons brein cirkelt systematisch door deze fases vanaf het moment dat je in slaap sust totdat de wekker gaat. Slaaponderzoekers maken onderscheid tussen twee algemene slaapfases: non-REM en REM-slaap. Tijdens Rapid Eye Movement (REM) slaap, zoals de naam al impliceert, bewegen je ogen alle kanten op. Je hersengolven lijken op wakkere hersengolven en de kans dat je aan het dromen bent is heel groot.
Non-REM slaap is een beetje saaier wat betreft de oogbewegingen en hersengolven, maar is daarmee niet minder interessant voor wetenschappers. Non-REM slaap is opgedeeld is 4 fases, die elk corresponderen met steeds langzamer bewegende hersengolven. De laatste fases (3 en 4) worden ook wel diepe of slow-wave slaap genoemd en zijn, naast REM-slaap, de favoriete slaapfases voor geheugenonderzoekers. En ja, wat het brein ook precies aan het doen is tijdens deze fases, het lijkt erop dat het op een bepaalde manier samenhangt met geheugen.
Geheugen is niet eenzijdig
Net zoals slaap is ook geheugen ook ingewikkelder dan het lijkt. Er zijn verschillende soorten geheugen: van de herinnering aan je laatste vakantie tot de herinnering aan hoe je moet fietsen. Om het simpel te houden zal ik alleen één onderscheid binnen ons complexe geheugensysteem bespreken: dat van declaratie. Dit onderscheid werd duidelijk toen de epilepsie-patiënt Henry Molaison na een hersenoperatie bleek geen nieuwe herinneringen aan te kunnen maken, maar wel nieuwe bewegingen kon leren. Onderzoekers hebben vervolgens het geheugensysteem opgedeeld in declaratieve herinneringen (benoembare, zoals de herinnering aan je laatste vakantie) en niet-declaratieve herinneringen (niet-benoembare, zoals de herinnering aan hoe je moet fietsen). Deze verschillende soorten geheugen lijken afhankelijk te zijn van verschillende delen van het brein en het wordt dus aangenomen dat ze relatief onafhankelijk van elkaar zijn.
Herinneringen zijn geen unieke entiteiten; ze versmelten graag met andere, eerder opgeslagen herinneringen. Dit betekent dat details over wat je hebt geleerd steeds waziger worden over de tijd (en slaap). Wetenschappers denken dat dit gebeurt door geheugen consolidatie, waarbij herinneringen stabiliseren en integreren, vaak ten koste van specifieke details. Dit samenvoegingsproces is waarschijnlijk nuttig omdat een goed opgebouwd network van herinneringen kan helpen om nieuwe herinneringen op te slaan en het leren van overlappende informatie te versnellen.
Slaap en geheugen interacteren met elkaar
Denk eens terug aan je laatste vakantie. Als deze vakantie een paar weken geleden was dan zul je meer gedetailleerder herinneringen erover hebben dan als het een paar maanden geleden was. We lijken meer te vergeten dan herinneren, vooral als we niet vaak herinnerd worden of weinig aanwijzingen krijgt om iets te herinneren. Dit geleidelijke vergeten betekent dat consolidatieexperimenten bijna nooit een verbetering van geheugen meten. Experimenten naar de effecten van slaap op geheugen vinden meestal een minder sterke verslechtering van het geheugen dan je zou verwachten door alleen vergeten.
Verlopen tijd en slaap zijn sowieso gerelateerd
De onmiskenbare relatie tussen vergeten, consolidatie en tijd belast het slaaponderzoek omdat slaap sowieso tijd kost terwijl tijd zonder slaap juist interferentie toevoegt. Onderzoekers proberen dit de omzeilen door een niet-slapende controlegroep toe te voegen die met hetzelfde tijdsverschil worden getest. Dit betekent dat de controlegroep op een andere tijd van de dag wordt getest of wakker moet worden gehouden terwijl de andere groep gaat slapen, en dit geeft wel wat problemen.
Iedereen die weleens een nacht doorhaalt weet dat niet slapen een groot effect heeft op je aandacht, motivatie en focus. Jammer genoeg zijn deze dingen ook erg belangrijk voor je geheugenprestatie. Een controlegroep die niet heeft geslapen is dus geen goede controlegroep. Onderzoekers vangen dit op door proefpersonen bijvoorbeeld 4 uur te laten slapen of zich op speciale slaapfases te richten door de proefpersoon wakker te maken op een herinneringen te reactiveren als een bepaalde slaapfase zich aandoet (dit kan gemeten worden met EEG). Dit betekent dat wanneer een experiment concludeert dat geheugen beter is na de slaap, je altijd moet bedenken dat dit relatief is, vergeleken met een niet-slapende of slecht-slapende controlegroep.
Dus: wat weten we wel?
Niettemin zijn wetenschappers nu redelijk zeker dat slaap (en voornamelijk slow-wave slaap) een effect heeft op declaratief geheugen, voornamelijk de integratieve aspecten zoals kernbegrip en het leggen van verbanden. Dit gebeurt vaak ten koste van specifieke details die vaak vervagen over consolidatie tijdens slaap. Dus als je kennis goed op wilt bouwen, zoals belangrijk is voor veel schoolvakken, dan kan je het beste goed en consistent slapen maar tegelijk ook de details in de gaten houden.
Een paar tips
Ok, dus we weten jammer genoeg nog relatief weinig over de interacties tussen slaap en geheugen. Maar wat kan een neurowetenschapper als ik nu adviseren over het belang van slaap voor schoolprestaties? Eens kijken:
- Probeer een ritme aan te houden zodat je natuurlijk wakker wordt en niet door je wekker. Probeer de aanbevolen 7-9 uur slaap te krijgen zodat je alle slaapfases doorgaat, aangezien al deze fases een unieke en essentiële functie hebben. Als je 's nachts niet genoeg slaap hebt gehad, dan blijken middagdutjes en gewone rust ook belangrijk voor leren en geheugen.
- Ja, met stampen en nachten doorhalen zul je waarschijnlijk je examen de volgende dag wel halen. Je zult alleen heleboel van deze informatie weer snel vergeten. Kleine stukjes informatie bestuderen over een langere periode (inclusief slaap) helpt je om kennisstructuren op te bouwen die langer blijven hangen en die vervolgens weer helpen met het integreren van nieuwe informatie.
- Omdat details vervagen over tijd is het slim om specifieke details te herhalen voor een examen, zoals definities, wiskundige functies of jaartallen. Als je de lesstof systematisch hebt bestudeerd zul je je niet veel zorgen hoeven te maken over de grote lijnen, maar het helpt zeker om deze details op het laatste moment te herhalen! Vergeet vervolgens alleen niet te slapen zodat je wel goed kan focussen.
- Neem de tijd. Een sterke herinnering en diep inzicht duurt een tijd en hier is het belang van slaap overduidelijk. Bijvoorbeeld, als ik een moeilijk artikel moet lezen of me in een nieuw onderzoeksgebied moet verdiepen, dan lees ik stukjes over verschillende dagen of zelfs weken totdat ik de grote lijnen zie ontstaan. Het helpt heel erg om zulke taken op te delen en eerder geleerde informatie regelmatig terug te halen. En, het allerbelangrijkste: informatie blijft langer hangen als je het wat tijd geeft. Dus neem de tijd, je zult er geen spijt van krijgen!
woensdag 3 december 2014
Hoe je brein zich vormt naar wat je leert
| Neuronen (plaatje van hier) |
Dit systeem kan ervoor zorgen dat je gerelateerde dingen beter en sneller leert, maar het kan er ook toe leiden dat het leren van iets ongerelateerds lastiger wordt. "Out of the box thinking" wordt hierdoor bijvoorbeeld lastiger.
Procedureel geheugen en BCI
Ons geheugensysteem is opgedeeld in verschillende onderdelen. Het belangrijkste onderscheid maken we in declaratief geheugen (geheugen voor feitelijke informatie) en procedureel geheugen (geheugen voor bewegingen). Deze geheugensystemen worden door verschillende hersengebieden aangestuurd, maar dat eerdere herinneringen invloed hebben op het leren van nieuwe lijkt in beide systemen het geval te zijn. Voor procedureel geheugen is kortgeleden gevonden hoe dit tot stand komt.
| De voorkant van Nature over dit onderzoek |
Toen de apen dit taakje goed konden, trainden de onderzoekers een computeralgoritme om het bijkomstige leerpatroon in de hersenactiviteit te herkennen. Vervolgens keken ze of hersensignalen gemeten tijdens het leren van nieuwe cursorbewegingen overeenkomsten vertoonden met het eerder getrainde leerpatroon. Het bleek dat hoe meer dit patroon overeenkwam, hoe beter deze nieuwe beweging werd geleerd. In andere woorden: hoe meer de eerder gebruikte hersencellen werden gebruikt om nieuwe bewegingen te leren, hoe sneller de apen deze bewegingen onder de knie hadden.
De onderzoekers konden dus met hun computerprogramma voorspellen hoe goed nieuwe bewegingen geleerd konden worden en dit verbeterde leren bleek afhankelijk van hoeveel de beweging leek op eerder geleerde bewegingen.
De onderzoekers konden dus met hun computerprogramma voorspellen hoe goed nieuwe bewegingen geleerd konden worden en dit verbeterde leren bleek afhankelijk van hoeveel de beweging leek op eerder geleerde bewegingen.
Locked-in patiënten
| Een scene uit "The diving bell and the butterfly", een film over een patiënt met het locked-in syndroom. |
Dit onderzoek biedt mogelijkheden voor patiënten met het locked-in syndroom. Deze mensen kunnen vaak alleen nog maar hun ogen bewegen en dus wordt er gekeken naar mogelijkheden om met een hersengestuurde BCI met de buitenwereld te communiceren. Het is hierbij van groot belang dat ze makkelijk kunnen leren om met de BCI om te gaan, om bijvoorbeeld een cursor op het scherm kunnen bewegen of woorden te "typen".
Dit onderzoek is de eerste stap in de richting om met dit soort systemen, als ze eenmaal zijn geïmplanteerd in de hersenen, ook goed te kunnen leren omgaan.
Dit onderzoek is de eerste stap in de richting om met dit soort systemen, als ze eenmaal zijn geïmplanteerd in de hersenen, ook goed te kunnen leren omgaan.
Flexibel brein?
Hoewel ons brein dus vaak wordt aangeduid als flexibel en veranderlijk, zijn er blijkbaar duidelijk grenzen. Het lijkt evolutionair heel nuttig om bewegingen die vaak worden uitgevoerd zo op te slaan dat ze ervoor zorgen dat gelijksoortige bewegingen makkelijker te leren zijn in de toekomst. Hierdoor hoeft niet altijd alles vanaf het begin af aan geleerd te worden. Dit scheelt een hoop tijd en moeite, vooral voor schijnbaar belangrijke dingen die je vaak tegenkomt in je leven.
De theorie dat je 10.000 uren nodig hebt om een bepaalde vaardigheid te leren ligt sinds kort onder vuur. En dat is maar goed ook, want simpel uren tellen zou wel erg simpel zijn. Wel blijkt nu door dit onderzoek dat er misschien wel minder uren nodig zijn om een vaardigheid te leren die hersennetwerken deelt met een eerder geleerde vaardigheid.
Anderzijds: een dergelijke vaardigheid weer afleren duurt misschien juist wel twee keer zo lang, een balans waar we mee zullen moeten leren leven!
maandag 10 november 2014
Sciencepalooza: Het academische systeem in Amerika versus Nederland: wat we van elkaar kunnen leren (deel 2)
Mijn nieuwe bijdrage voor Sciencepalooza staat nu online: Het academische systeem in Amerika versus Nederland: wat we van elkaar kunnen leren (deel 2). Ik ben vanaf nu ook vaste blogger bij Sciencepalooza.
maandag 27 oktober 2014
dinsdag 5 augustus 2014
Life @ Stanford part 2
Een jaar alweer sinds we ons nieuwe, Amerikaanse leven tegemoet gingen. Een jaar na twee oververhitte, stressvolle verhuisdagen, emotionele afscheidsbijeenkomsten en, eenmaal aangekomen, de haastige jacht op een huis, verzekeringen, meubels en vervoersmiddelen. Een jaar lang steeds weer de constatering dat je met alles helemaal opnieuw dient te beginnen, spannend en vermoeiend tegelijk. We hebben veel meegemaakt, veel gezien en vooral veel geleerd. En het mooiste is: we hebben nog zeker een jaar te gaan!
Mijn vorige Life @ Stanford blog ging over een aantal aspecten van Stanford en de omgeving en hoe we deze tegenkomen in ons dagelijks leven. Deze blog zal de eerder onderbelichte aspecten bespreken, want zoals ik een half jaar geleden als zei: ik had er wel een top 100 van kunnen maken! Ik begin dus waar ik eerder ben opgehouden, bij nummer 8:
8. Fietsen
Dat fietsen hier kan is een godsgeschenk. Met veel auto's, weinig en dure parkeervoorzieningen op Stanford, relatief veel vlakke wegen met fietspaden en een constant aangenaam klimaat is fietsen de nummer 1 "commute option". Helemaal voor een Hollander als ik. Jammer genoeg denken niet alle Amerikanen hier hetzelfde over... Buiten de Stanford campus wordt fietsen vaak gezien als een sport, iets wat je alleen maar doet als je er fysiek toe in staat bent, je een lichte, dure racefiets kan veroorloven en je je bovendien in een bijbehorend sexy wielrennerskostuum en flitsende helm hijst. Ik neem dit voor lief en fiets liever op mijn simpele mountainbike zonder helm en op m'n dooie akkertje de 8 kilometer naar Stanford. De tien minuten die ik dan langzamer ben hoef ik weer niet te besteden aan een douche, dat scheelt weer!
Die helm is trouwens wel een "big thing" hier. Ik moet vaak uitleggen waarom ik ervoor kies om dat zweterige ding niet te dragen, iets wat ik echt wel zou doen als ik het gevaar zou zien en de voordelen tegen de nadelen zouden opwegen. Ik merk hier namelijk dat mensen die met een helm fietsen ironisch gezien onoplettender fietsen. Beetje onder het mom van: nu heb ik een helm op dus nu ben ik veilig, "the king of the road"! Deze schijnveiligheid heft de helmveiligheid natuurlijk direct weer op en maakt je misschien zelfs een groter doelwit. Onderzoek heeft namelijk aangetoond dat ook automobilisten dichter langs je rijden als je een helm op hebt. En die helmpjes helpen natuurlijk niet overal tegen, dus door rood fietsen is nog steeds geen goed idee...
| Where's your helmet? (stripje van hier) |
9. Verkeersregels
| Tsja, wie was er nou eerst? (plaatje van hier) |
's Avonds komt een volgende irritatie om de hoek kijken: fietslichtjes! Ze houden hier van knipperende lichtjes en je raadt het al: ik niet. Monotoon knipperen is natuurlijk saai dus ik heb de mooiste symfonieën al langs zien komen. Daarnaast denken fietsers (vooral die met helm): hoe feller, hoe beter ik zichtbaar ben! En inderdaad, die tunnel van knipperend licht die je vervolgens tegemoet komt wil je inderdaad erg graag ontwijken omdat je denkt dat het een rechtstreeks ticket naar het hiernamaals is. Sommige auto's hebben deze gedachtengang trouwens ook: "als ik nou groot licht op zet dan kunnen ze me tenminste goed zien". Goed zien, niet meer zien, ach wie merkt het verschil? "Better safe than sorry", toch? (zie punt 12)
10. Toeristen
Toeristen op een universiteit zijn nog steeds een rare gewaarwording voor mij, al kan ik het bij de campus van Stanford best wel voorstellen. Nu het zomer is nemen de aantallen toeristen in rap tempo toe, met alle gevolgen van dien. Ze lopen midden op straat ("hier rijden toch geen auto's"), kijken niet uit bij het oversteken ("oh oeps, er zijn wel fietsers") en schieten snel een foto van je als je langskomt (''wow, een echte Stanford student!"). In de bookstore kopen ze vervolgens t-shirts en andere prullaria om aan het thuisfront te kunnen laten zien dat ze echt op de campus hebben rondgelopen (zie vorige blog, nummer 5) terwijl ze zich vergapen hebben aan de rijke (sinds 1885) geschiedenis van "The Farm".
![]() |
| Dit is regelmatig het uitzicht vanuit mijn raam |
11. Sporten
Sportcultuur is hier een groot goed, ook al is Stanford geen deel van de bekende "Ivy league". Al begrijp ik nog steeds niet helemaal hoe talent voor sport je meteen een ticket naar een van de meest prestigieuze universiteiten ter wereld oplevert, maar dat terzijde. Football (niet te verwarren met een andere sport waar je ook echt je voeten gebruikt) is hier het populairst, maar we moeten nog steeds een football wedstrijd van Stanford bijwonen. Die beginnen pas weer in de herfst dus die krijgen jullie nog tegoed!
In ieder geval betekent deze sportieve omgeving dat ik me op straat, in de fitness en soms zelfs in de supermarkt kan vergapen aan de opvallend hoge aanwezigheid van ontblote gespierde bovenlijven, iets te strakke sportpakjes, en de alom vertegenwoordigde witte sokken in fel gekleurde hardloopschoenen. Laatstgenoemde worden echter, ironisch genoeg, voornamelijk gedragen door mensen die duidelijk niet eens aan sport durven te denken...
12. "Better safe than sorry"
In een zo onderverzekerde en aanklagende maatschappij als deze is het logisch dat er veel gelet wordt op preventie, maar voor ons leidt dit soms tot hilarische situaties. Ontsmettende doekjes in de supermarkt die bedoeld zijn om je winkelwagentje "germ-free" te houden of gebruikt worden om te zorgen dat een enigszins hoestende proefpersoon de lab-laptop niet besmet. Bovendien mag je vooral ook niet bij mensen in de buurt komen als je zelf zulke symptomen vertoont, want bacteriën zijn je grootste vijand. Het komt op mij over als overdreven, maar het wordt weer enigszins logisch als je weet dat een groot gedeelte van de mensen hier geen zorgverzekering wil of kan betalen. Obama-care of niet, het blijft duur om gezond te blijven.
| Boerenkoolsmoothie anyone? |
Ook in het verkeer kwam ik laatst achter het achterliggende idee. De regels zijn hier niet gebaseerd op efficientie met enig oog voor veiligheid, maar op veiligheid met geen oog voor efficientie. Gevolg is regels die veilige verkeerssituaties tot gevolg zouden moeten hebben (zie punt 9), maar die de doorstroom niet per definitie verbeteren. Daarnaast zijn fietsers redelijk nieuw in het straatbeeld (zie punt 8) en zijn de regels daar dus niet echt op aangepast. Daarom maar deze bordjes: "Bicyclists use extreme caution", want zo'n verhoginkje zoals hieronder is natuurlijk best wel eng... Helemaal zonder helm!
13. The happy life!
Omdat het nu lijkt dat we hier ons alleen maar verbazen en frustreren over de cultuurverschillen, hier ten slotte een lijstje van alle leuke dingen, want wij nuchtere Hollanders kunnen zeker wat leren van de Amerikanen.
- Doggy bags: gedeeltelijk een product van de enorme porties hier, maar daarom niet minder handig!
- Yelp: omdat alles, maar dan ook alles een rating van het publiek verdient (al moet je veel ratings wel met een korreltje zout nemen)
- Auto's met automaat: ik wil noooooooit meer terug naar koppelen!
- "Relax at work": de perfecte mix tussen de gehaaste en hardwerkende instelling van de westerse samenleving en de manana-manana mentaliteit van de Mexicanen, lekker in je korte broek naar het werk en met je laptop op het terras je emails doorwerken. Heerlijk!
- Het klimaat: elke dag op de fiets in de zon of even naar buiten zonder buienradar te hoeven checken doet een mens erg goed.
- De natuur: bergen, vlaktes, valleien, bossen, kust, strand, rotsen, vulkanen, etc., je vindt dit alles hier op steenworp afstand!
- Waterfonteintjes: lekker hygienisch koel en gefilterd water drinken, zelfs in the middle of nowhere.
- Om bij water te blijven: altijd gratis kraanwater op tafel in restaurants!
- Overbodige dingen gewoon aan de kant van de weg zetten met een bordje "FREE" erbij, het werkt hier! (ik heb meubels, kinderspeelgoed, zelfs een werkende televisie langs zien komen!)
- Food heaven: de varieteit aan culturen leidt tot een immense keuze aan eetgelegenheden, afhaalmogelijkheden en food trucks en maakt dat je nooit naar het fast-food restaurant om de hoek hoeft (al hebben we het natuurlijk wel moeten proberen ;))
- De enorme innovatiegerichtheid: iedereen zit vol met (soms waanzinnige, soms stupide, soms buitenaardse) ideeën. Alles is hier mogelijk als je maar je best doet en doorzet. Die vibe is best aanstekelijk!
- Gadgets: door die innovatiegerichtheid is dit een kleine greep van de gadgets die deel uitmaken van het dagelijkse leven in Silicon Valley: zelfrijdende Google auto's, bestuurbare drones, vliegtuigjes en helikopters, bitcoinmachines, Google glasses, Apple producten in alle soorten en maten. Je noemt 't en hier hebben ze het!
![]() |
| Stanford student die op een terrasje aan zijn vliegende robot werkt, niet heel ongewoon hier! |
Abonneren op:
Posts (Atom)



